WAAROM IK HET CHRISTELIJK GELOOF VERLAAT
1. PROBLEMEN MET HET OUDE TESTAMENT

Mensen kennen mij onder andere als schrijver van Bijbelverdedigende boeken, zoals ‘De Wereldwijde Vloed’. Ik geloofde altijd heilig dat de Bijbel het boek was waardoor God zich openbaarde, en deed mijn best dit goed te onderbouwen met argumenten. Mijn eerste boeken centreerden zich volledig rond het Bijbelse paradigma. Maar langzaam maar zeker ontstonden er grote twijfels. Hoe kon de Bijbel wérkelijk ‘het boek’ zijn waardoor God zich aan de mens openbaart, terwijl het een enorme hoeveelheid gruwelen aan God toeschrijft?

‘God’ zegt in het Oude Testament dat iemand die op de sabbat hout sprokkelt, gestenigd moet worden. Dat iemand die met zijn vrouw vrijt terwijl ze ongesteld is, gestenigd moet worden en de vrouw ook. Dat iemand die hoererij pleegt gestenigd moet worden, maar als het de dochter van een priester is deze zelfs levend verbrand moet worden omdat ze haar vader onteert.

Een rode draad door het Oude Testament is dat God het volk Israël de opdracht geeft volken aan te vallen en ‘voor niemand genade te hebben’, en zelfs kinderen en zuigelingen te doden:

‘Trek daarom op tegen de ​Amalekieten​ en versla ze. Wijd al hun bezittingen onvoorwaardelijk aan de HEER. Spaar ze niet, maar dood alles en iedereen: mannen en vrouwen, ​kinderen​ en zuigelingen, runderen en schapen, ​kamelen​ en ezels.’ (1 Samuel 15:3)

‘Maar daarbinnen, in de steden van het land dat de HEER, uw God, u als grondgebied zal geven, mag u geen mens in leven laten. Alle ​Hethieten, Amorieten, ​Kanaänieten, Perizzieten, Chiwwieten en Jebusieten moet u doden, zoals de HEER, uw God, u heeft opgedragen’ (Deuteronomium 20:16-17)

‘Ga achter hem aan, trek ook door de stad en dood iedereen. Jullie moeten geen medelijden tonen, jullie mogen geen medelijden kennen. Oude mensen, jonge mannen en vrouwen, moeders en ​kinderen​ – jullie moeten ze allemaal ombrengen’ (Ezechiel 9:5-6)

Christenen hebben de neiging dit soort teksten te negeren, weg te laten uit preken en te vermijden in Bijbelstudies, omdat we diep vanbinnen voelen dat er iets niet helemaal klopt. Dit was ook hoe ik zelf jarenlang omging met de ‘gruwelteksten’.

Feit is in ieder geval dat het ‘liefhebben van vijanden’ een totaal onbekend concept is voor de oudtestamentische God; het aantal teksten waarin God zich op zijn vijanden wreekt en oproept de vijanden te vervolgen en te doden, is bijna onuitputtelijk. De God zoals die door de Bijbel aan ons wordt geopenbaard roeit complete volkeren uit, laat onschuldige vrouwen en kinderen zonder genade vermoorden, straft velen voor de zonden van één en straft kinderen voor de zonde van de ouders. Zo doodt God 70.000 mensen met de pest vanwege een foutje dat David maakt (2 Samuel 24:10). De God van de Bijbel is de God die doodstraf eist voor een kind dat zijn of haar ouders slaat of uitscheldt. Hij is de God die 42 kinderen laat opeten door beren omdat ze ‘kaalkop’ riepen tegen een profeet. En God heeft blijkbaar als het erop aankomt zelfs niet zo’n moeite met mensenoffers, want als Jeftha aan God belooft om het eerste wat uit zijn huis komt te offeren en zijn dochtertje vervolgens naar buiten komt, moet hij zijn woord houden en zijn dochtertje doden. God grijpt niet in.

Kortom: God roept in het OT de Israëlieten op dingen te doen waartoe Allah de mensen van IS tegenwoordig niet eens oproept.

Twee specifieke voorbeelden die ik eruit wil lichten:

  • Exodus 32, de geschiedenis van het gouden kalf. De Israëlieten deden wat ze vroeger in Egypte altijd gedaan hadden: een kalfsgod aanbidden. Een liefdevolle God zou naar ze toekomen en zeggen: ‘dat moet je niet doen, dat is slecht voor je! Kom bij mij, ik hou van jullie en heb het beste met jullie voor. Ik zal bewijzen dat ik jullie liefde waard ben, ik zal je zegenen. Ik vergeef het je, maar doe dit niet meer!’ Maar de God van de Bijbel pakt het anders aan: “Dit zegt de HEER, de God van Israël: Gord je zwaard om, jullie allemaal, doorkruis het kamp in de volle lengte en breedte en dood iedereen die je tegenkomt, al is het je broer, vriend of verwant.” Moet je je eens voorstellen hoe dit geweest moet zijn! Overal gekrijs, gehuil, en bloed. Allemaal omdat de ‘liefdevolle en genadige God’ op zijn tenen getrapt is omdat ze niet Hem aanbaden maar een stuk metaal! Er kwamen die dag ongeveer drieduizend Israëlieten om, en even verderop prijst Mozes de priesters die het vonnis voltrokken hadden. Waarom? Omdat ze zelfs voor hun eigen kinderen en familie geen genade gehad hebben: ‘Vandaag heeft u zich aan de Heer gewijd door zelfs uw eigen kinderen en broers te doden’. 
    Lees eens wat hier werkelijk staat. Als gezond mens heb je nog genoeg genade en liefde in je binnenste dat je het verschrikkelijk vindt mensen te doden. Een gezond mens kán het niet, en al helemaal niet zijn eigen kinderen. Wij hebben allemaal het gevoel van rechtvaardigheid in ons binnenste dat ons vertelt dat mensen, zeker kinderen, fouten mogen maken en een tweede kans verdienen, en dat ze aan het zwaard rijgen niet alleen niks oplost, maar ook te afschuwelijk en traumatisch voor woorden is. Maar de God van het OT is dus een God waarvan de priesters zich ‘aan God wijden’ omdat het zo goed en goddelijk van ze is dat ze géén genade hebben en zelfs hun eigen kinderen niet sparen maar ook een zwaard in hun lichaam te steken. De God van de Bijbel is dus blijkbaar de God die van mij zou verlangen dat ik mijn twee kinderen met een zwaard ombreng en géén genade voor ze heb, en die me een schouderklopje zou geven dat ik ook mijn vrouw afslacht. En zeg niet dat ik te ver ga, want ik trek alleen maar de meest simpele conclusies uit één van de vele gruwelpassages in het OT.

  • Dan het fenomeen steniging: een van de basis-strafmethodes van God in het Oude Testament. Er zijn culturen waar publieke steniging nog steeds gebeurt, en het is onbeschrijfelijk gruwelijk. De meeste christenen lezen het in de Bijbel maar begrijpen niet wat er werkelijk staat. Er is niets zo afschuwelijk als met z’n allen, publiekelijk, grote stenen en rotsblokken pakken en een huilend en gillend mens langzaam de dood in brengen - een mens die volgens diezelfde Bijbel geschapen is naar het beeld van God. Stel je een jong meisje voor wat (misschien tegen haar zin!) haar maagdelijkheid verloor, of toevallig niet bloedde tijdens de huwelijksnacht, en nu door de mensen die ze vertrouwde – en boven alles door God – in het midden gezet wordt (!) en een langzame, gruwelijke dood ingaat: het hele volk gooit rotsen en stenen naar haar, net zo lang tot ze bloedend haar bewustzijn verliest. De harteloosheid, genadeloosheid en afwezigheid van empathie voor menselijk leed is walgelijk. Ieder normaal, gezond mens kan zoiets gruwelijks niet aanzien en zal huilen vanwege de meedogenloze gewelddadige vernedering en zich er dagenlang afschuwelijk voelen. Het idee dat de Schepper in lang vervlogen tijden opdroeg zoiets te doen met een rebels kind, een sabbatbreker of een meisje dat haar maagdelijkheid had verloren, creëert een compleet geschift beeld van God. Het klopt gewoon niet, en iedereen weet dat diep in zijn hart.

Bovenstaande voorbeelden zijn slechts het puntje van de ijsberg: het handelen van God in de Bijbel is een voortdurende opsomming van dood, slachtingen en gruwelen. Als we het Oude Testament letterlijk geloven in alles wat het aan God toeschrijft, dan zou God in de Bijbel maar liefst 2.821.364 mensen gedood hebben, terwijl Satan er slechts 10 gedood heeft (namelijk de zeven zonen en drie dochters van Job – en die 10 waren ook nog eens met toestemming van God).

Op vele plaatsen in het Oude Testament verschijnt God zelfs hoogstpersoonlijk ten tonele om een massaslachting aan te richten. In sommige gevallen waren het de vijandelijke legers die de dood vonden. Een voorbeeld is 2 Koningen 19:35, waar we lezen: “Toen trok een engel van de HEER ten strijde en doodde in het kamp van de Assyriërs honderdvijfentachtigduizend man. De volgende ochtend zag men niets dan lijken liggen.” Maar ook dikwijls moeten de Israëlieten het zelf ontgelden. De reden dat God slachtingen aanrichtte onder ‘zijn’ volk was vaak dat het volk gezondigd had of klaagde, maar in sommige gevallen is er niet eens een duidelijke reden vermeld en lijkt het erop dat God simpelweg een ontiegelijke driftbui had. 1 Samuel 6 vertelt bijvoorbeeld hoe de mannen van Bet-Semes verheugd zijn over de terugkeer van de Ark van het Verbond. Ze besluiten om hun afhankelijkheid en dankbaarheid aan de Heer te tonen door brandoffers van toewijding en slachtoffers van dankbaarheid te brengen. We lezen (vers 15): “Op die dag offerden de mannen van Bet-Semes de Here brandoffers en slachtten Hem slachtoffers.” En dan lezen we ineens: “En Hij richtte een slachting aan onder de mannen van Bet-Semes, omdat zij de ark des Heren bekeken hadden; Hij sloeg van het volk zeventig man, vijftig op de duizend. Het volk bedreef rouw, omdat de Here zulk een grote slachting onder het volk had aangericht.” Gods reactie op de dankbaarheid van het volk was om hen allemaal te vernietigen, enkel omdat ze keken naar de ark van het verbond.

Uitgaande van het Oude Testament komt God voornamelijk om te slachten en te vernietigen – waarmee hij feitelijk niets lijkt te verschillen hoe Satan wordt getypeerd door Jezus (zie Johannes 10:10).

Bovendien is Gods karakter in het Oude Testament wispelturig en opvliegerig. Het ene moment spreekt hij over liefde en barmhartigheid en dat hij voor zijn volk zal zorgen, het moment erna ontbrandt hij in toorn en slacht tienduizenden zonder genade of waarschuwing af voor een – vaak klein en onbedoeld – vergrijp. Er is bijna een patroon in te ontdekken: Gods stem klinkt lief en aardig, maar wanneer er gezondigd wordt – ook maar een klein beetje gezondigd wordt – dan verandert hij in een woeste ongeduldige God die onmiddellijk het kwaad afstraft door te doden, te slachten, te vernietigen. Precies zoals Psalm 2 het zegt: je moet deze God met vrezen en beven eer bewijzen, want anders ontvlamt zijn woede, en bij het geringste ontsteekt hij in toorn (Psalm 2).

God is ook bijzonder vaak onredelijk en manipulatief. In Exodus 34 zegt God tegen Mozes dat Hij ‘barmhartig en genadig, geduldig en rijk aan goedertierenheid en trouw’ is (Exodus 34:6). Deze tekst wordt vaak door christenen aangehaald om aan te tonen dat Gods karakter altijd al goed en liefdevol was. Maar wat zij voor het gemak buiten beschouwing laten is dat God in het moment ervoor onredelijk, agressief en drammerig als een kleuter is. In Exodus 33 zegt God namelijk tegen Mozes dat hij het volk Israël naar het beloofde land moet brengen, maar voegt er en passant aan toe: “Maar ik trek niet met jullie mee, want jullie zijn een onhandelbaar volk en ik zou jullie daarom onderweg kunnen doden.” En: “U bent een halsstarrig volk. Als Ik ook maar één ogenblik in uw midden zou meetrekken, dan zou Ik u vernietigen. Nu dan, doe uw sieraden af, en Ik zal weten wat Ik u doen zal.” Vervolgens doet iedereen in Israël snel zijn sieraden af, in hoop de gehumeurde God gunstig te stemmen en hem over te halen hen toch in leven te laten.

Wij mensen hebben een ingeschapen rechtvaardigheidsgevoel dat geweld, publieke stenigingen en massaslachtingen afwijst. Niemand zal onbewogen naar de steniging van een meisje van 16 kunnen kijken – enkel een sociopaat of iemand met een extreem verhard hart kan dat. De rest zal in huilen uitbarsten en het meisje willen redden. De vraag is dan: hoe is het mogelijk dat wij nog genadiger zijn dan God?

Ik geloof niet dat de Schepper van dit universum minder rechtvaardigheidsgevoel heeft dan zijn schepselen. Als er een God is, dan heeft die ‘Echte God’ nooit opdracht gegeven tot zulke dingen. Ik weet momenteel heel zeker: de Bijbel klopt niet op dit punt, en als het wel zo is wil ik die God niet aanbidden.

Het hypocriete is echter dat veruit de meeste christenen zullen zeggen dat God de opdracht gaf tot de stenigingen, de brandstapels en het doden van kinderen en baby’s met een zwaard, simpelweg ‘omdat de Bijbel het zegt’ of ‘omdat God liefde is maar ook rechtvaardig is’, terwijl als ze een filmpje van een steniging in Saoedi-Arabië of onthoofding door IS op TV zien, ze ervan zullen gruwelen en zullen zeggen dat het duivels is, demonisch, satanisch. Al jarenlang heb ik moeite met deze tegenstrijdigheid, en ik kan die hypocrisie niet meer verdedigen. Het is een feit dat ons ‘heilige boek’ dingen in naam van God toont die zo afschuwelijk zijn dat als een mens ze zou doen, deze als een psychopaat zou worden gezien en levenslang de cel in zou gaan.

Laten we eerlijk zijn, hoe kunnen we als christenen verkondigen dat abortus een gruwel is omdat het leven heilig is en God een plan met ieder leven heeft, terwijl onze eigen God doorheen het hele OT miljoenen mensen op gruwelijke wijze doodde, zelfs baby’s en kinderen, en zelfs op talloze plaatsen dreigt met het doden van foetussen en het opwekken van miskramen als straf voor ongehoorzaamheid? Het klopt niet.

Verder blijkt uit het Oude Testament dat vrouwen weinig waard zijn. De ‘wet van God’ beschermt namelijk vooral mannen. Een paar kleine voorbeeldjes:

  • Als een man een vrouw ‘nam’ en ook de dochter van die vrouw, dan was dat een zonde. God gebood dat niet alleen de man gestraft moest worden, maar ook zijn twee vrouwen die hier niets aan konden doen moesten op de brandstapel (Leviticus 20:14).
  • Als een meisje tijdens de huwelijksnacht niet bloedde (wat ook helemaal niet altijd gebeurt, weten we tegenwoordig) dan was dit een bewijs dat ze geen maagd meer was en dus niks waard. De oplossing: stenigen! (Deuteronomium 22:20)
  • Mannen mochten van God meerdere vrouwen hebben – er is geen wet die dat verbood. Hoewel God koningen adviseerde hun aantal vrouwen te beperken, was er voor deze mannen geen enkele consequentie wanneer ze dit advies negeerden. Mensen als koning David en Salomo hadden zelfs een harem van honderden vrouwen.
  • Als God oproept hele dorpen of steden om te brengen zegt hij dat alle kinderen en vrouwen gedood moeten worden, maar vermeldt er specifiek bij dat de soldaten de jonge maagden uit zo’n jonge stad wel in leven mochten laten, voor henzelf (Numeri 31:17). Met andere woorden: ze werden seksslavinnen van de soldaten.
  • Vrouwelijke slaven waren sowieso vaak verkapte seksslavinnen. De Bijbel beveelt namelijk dat mannelijke slaven na zes jaar vrijgelaten moeten worden, de slaaf mocht dan vertrekken zonder iets te hoeven betalen – tenzij hij graag slaaf wilde blijven, dan mocht hij vrijwillig bij zijn meester blijven. Maar voor vrouwelijke slaven gold dat niet. Als Joodse mannen hun eigen dochter als slavin verkochten dan werden dat namelijk vooral seksslavinnen en het zou niet leuk voor de meester in kwestie zijn als hij zijn seksslavin na zes jaar zou verliezen! God gebiedt daarom dat vrouwelijke slavinnen alleen vrij mogen komen als de meester de slavin niet meer aantrekkelijk vindt, en dan moet er ook geld voor haar betaald worden (want ze is tenslotte gewoon een bezit). Hij mag haar dan nog wel aan zijn zoon geven, als die haar nog wel aantrekkelijk vindt. Mocht de meester ervoor kiezen nóg een vrouw erbij te nemen dan vindt God dat helemaal prima – een man moet tenslotte sex kunnen hebben met zoveel vrouwen als hij wil – maar dan is hij wel verplicht de eerste slavin gelijk te behandelen aan de nieuwe vrouw en, ook niet onbelangrijk: even vaak sex met haar te hebben (Exodus 21:7-11).
  • Mannen mochten vrouwelijke krijgsgevangen die ze aantrekkelijk vonden mee naar huis nemen en met haar naar bed gaan (ze moesten wel even officieel trouwen natuurlijk), en als de vrouw na een tijdje uit de smaak viel mochten ze haar gewoon weer laten gaan, geen probleem (Deut 21:10).
  • Een man die iets onaangenaams in zijn vrouw ontdekte mocht van haar scheiden met een scheidbrief. Dat een vrouw zou kunnen scheiden omdat de man niet beviel was natuurlijk ondenkbaar. (Deuteronomium 24:1)

Voor bovenstaande zaken geldt dat we er gemakkelijk overheen lezen, maar neem eens de moeite om voor een moment je in te denken dat jij zo’n jonge meid was die na een oorlog als krijgsgevangene mee wordt genomen, met een wildvreemde het bed moet delen en daarna gedumpt wordt omdat hij je niet meer leuk vindt.

Toen ik mij recentelijk negatief had uitgesproken over de Nashville-verklaring (het christelijke statement tegen homoseksualiteit), zei iemand mij vol verontwaardiging dat ik als christen toch wel wist dat voor God het huwelijk heilig was, en dat Satan de maatschappij probeerde te beïnvloeden door het Bijbelse idee van het huwelijk te vernietigen. Ik vraag mij hardop af wélk ‘Bijbelse huwelijk’ we dan bedoelen. Iedere opmerking van christenen dat het Bijbelse huwelijk ‘...heilig is, een liefdevol eeuwig verbond, voor één man en één vrouw’, is compleet onzinnig. De seksuele moraal in de Bijbel is volledig op de bevrediging van mannen gericht: zij besloten wie er getrouwd werd, zij hadden hun vrouwen als bezit, zij mochten maagden op het oorlogsveld in bezit nemen, ze mochten knappe krijgsgevangen mee naar huis nemen maar ook weer dumpen als ze er klaar mee waren, ze mochten slavinnen kopen om seks mee te hebben zo lang ze die maar wel verzorgden, ze mochten tientallen tot honderden vrouwen hebben, enzovoorts. De enige heldere ‘Bijbelse moraal’ die ik zie is dat mannen seks mogen hebben zoveel ze willen (zo lang er maar getrouwd is) en dat vrouwen nauwelijks enig recht hebben zich daartegen te verzetten. Onze Westerse moderne moraal op gebied van liefde en seksualiteit is honderden malen beter dan die tijdens het schrikbewind van God in het Oude Testament waarin het huwelijk feitelijk niet meer was dan het recht van een man vrouwen te hebben.

Pas in het Nieuwe Testament is er zoiets als een heldere aansporing om maar één vrouw te hebben, je aan elkaar over te geven en elkaar trouw te blijven. De prachtige ‘huwelijkse moraal’ zoals christenen deze voordragen is dus alleen uit de Bijbel te destilleren door zéér eenzijdig teksten te citeren en een hele hoop andere teksten te negeren.

Kortom: sinds ik de Bijbel eerlijk begon te lezen, zijn mijn gedachten totaal veranderd.

Mijn zoektocht naar oplossingen
Een veelgehoord argument m.b.t. de 'gruwelteksten' is dat Gods gedachten hoger zijn dan de onze, en dat hij geen verantwoording hoeft af te leggen aan ons. Dit idee komt voort uit het (typische calvinistische) idee dat als God iets doet het per definitie rechtvaardig en goed is, ook als wij het met ons menselijke verstand niet begrijpen. Voor mij is dit echter altijd een zwak argument geweest. Jihadisten kunnen met hetzelfde argument zeggen dat het bij bosjes de keel doorsnijden van mensen helemaal niet amoreel is, maar dat Allahs wegen hoger zijn dan die van ons, en dat het rechtvaardig 'moet' zijn omdat Allah het opdraagt. Sterker nog: we kunnen met dezelfde logica ieder verwerpelijk religieus geschrift op aarde verdedigen, want er is geen toetssteen. Het is een cirkelredenering die de Bijbel per definitie buiten de kritiek plaatst, en het eigenlijke probleem wegredeneert: als God goed en rechtvaardig is, waarom gedraagt hij zich in het Oude Testament dan precies zoals heidense bloeddorstige goden doen wiens culten christenen als 'demonisch' bestempelen?

Eerst probeerde ik deze amorele en gruwelijke teksten te negeren, daarna heb ik jarenlang geprobeerd ze weg te redeneren. Eerst probeerde ik het op te lossen door te redeneren dat het Oude Verbond nou eenmaal ook niet Gods wil was en dat het Nieuwe Verbond dat Jezus bracht de échte aard van God laat zien. Toen deze oplossing niet toereikend bleek heb ik een rits boeken en studies over dit onderwerp gelezen (o.a. van Gregory Boyd, Bradley Jersak, Brian Zahnd, Michael Hardin, Dominic Crossan, Richard Rohr, etc.). Enige tijd geleden heb ik zélf nog een uitgebreide studie geschreven die het probleem ‘oploste’. Maar het bleef knagen. Want in werkelijkheid werd het probleem helemaal niet opgelost.Ik kwam tot de realisatie dat WELKE geweldige uitleg we ook mogen vinden, het een feit blijft dat God zich volgens het christendom blijkbaar verbindt aan een boek dat Hem ten dele wegzet als een gruwelijke wraakzuchtige oorlogsgod die bijna 3 miljoen mensen zonder genade afgeslacht heeft.

Kortom: mijn probleem is niet dat er geen theologische methodes en interpretaties zijn om de gruwelpassages weg te redeneren. Ik heb jaren geprobeerd op die manier mijn geloof in de Bijbel te repareren. Maar het werkelijke, eigenlijke probleem is dat het boek waarvan christenen beweren dat het Goddelijk is, het boek dat zij overal op aarde over grenzen smokkelen, dat ‘het woord van God’ zou zijn en waarvan men gelooft dat het een vehikel tot redding is, een bipolair Godsbeeld ondersteunt en per definitie mensen opzadelt met tegenstrijdige ideeën over God. Want iedereen die het boek in handen krijgt en ongekleurd leest, leest gewoon wat er staat: dat God al die moorden en gruwelen op zijn geweten heeft. We kunnen toch niet verwachten dat mensen overal op aarde eerst een studie van 150 kantjes lezen om te begrijpen dat de Bijbel eigenlijk niet bedoelt wat er staat?

Dit alles leidde bij mij tot de overtuiging dat de Bijbel niet onfeilbaar kon zijn. Ik kon nog wel geloven dat er inspiratie in de Bijbel zit, dat het flarden opvangt van de échte Goddelijke realiteit, maar het bevat zeker evenveel menselijke gedachten en projecties, zoals alle heilige boeken van alle religies op aarde die bevatten.

Het begon mij te dagen dat Einstein er niet ver naast zat toen hij zei dat hij geloofde dat er een God is, maar zich niet kon voorstellen dat die God de objecten van zijn schepping beloont en bestraft en een grillige wil heeft zoals een mens die heeft – ‘een God, kortweg, die alleen maar een weergave van de menselijke zwakheid is.’ Het Bijbelse Godsbeeld is een ‘antropomorfisme’ – net zoals de Grieken en Romeinen deden, schrijft de Bijbel allerhande volstrekt menselijke eigenschappen toe aan de onzichtbare God.

Volgens de Bijbel formeerde God de mens naar zijn beeld en gelijkenis, maar andersom is het evenwel waar: mensen formeerden God naar hun beeld en gelijkenis. En hoewel ik het jarenlang niet wilde zien en zelfs het tegendeel verdedigd heb, kwam ik erachter dat de Bijbel vol zit met zulke menselijke projecties.

Op de menselijke eigenschappen van de Bijbel zal ik dieper ingaan in het het volgende hoofdstuk: 'De menselijkheid van de Bijbel'.

 
 
© Tjarko Evenboer